Iedere keer dat LearnLinq een resultaat ontvangt voor een leeractiviteit wordt, ongeacht het resultaat (positief of negatief), de status van iedere sectie en leerpad waarin deze leeractiviteit staat opnieuw berekend. Dit artikel beschrijft de regels die worden gehanteerd bij deze berekening.

Status van een leeractiviteit

De status van een leeractiviteit wordt bepaald door de acties van de gebruiker, het aantal pogingen of het verlopen van de periode waarbinnen de leeractiviteit behaald of vernieuwd moet zijn.

Pogingen

Je kunt voor sommige leeractiviteiten een aantal pogingen instellen. Als voor een leeractiviteit twee pogingen is ingesteld, kan de deelnemer zakken voor de eerste poging, waarbij de status van de leeractiviteit op bezig blijft staan. Als de deelnemer voor de tweede poging ook zakt, dan is de status van de leeractiviteit gezakt.

Lees dit artikel voor meer informatie over pogingen.

LearnLinq berekent de drie statussen als volgt:

  1. Bezig op basis van resultaat: als de deelnemer de leeractiviteit nog niet heeft afgerond of als de deelnemer een poging heeft gedaan en gezakt is én het maximum aantal pogingen nog niet bereikt is.
    Bezig op basis van vernieuwen: als de deelnemer de leeractiviteit eerder heeft behaald en deze moet herhalen, is de status bezig op het moment dat de leeractiviteit vernieuwd moet worden.
  2. Geslaagd: als de deelnemer de leeractiviteit heeft behaald.
  3. Gezakt: als de deelnemer een negatief resultaat heeft behaald voor de laatste poging (als geen pogingen mogelijk zijn, bij het eerste negatieve resultaat).
    Gezakt: als de deelnemer niet binnen de ingestelde termijn na inschrijving de leeractiviteit heeft afgerond.
    Gezakt: als de deelnemer niet binnen de vernieuwingsperiode de leeractiviteit heeft behaald.

Let op: als er sprake van is dat een leeractiviteit meerdere pogingen heeft én als is ingesteld dat de deelnemer de leeractiviteit afrondt binnen een aantal dagen na inschrijving in het leerpad, dan zakt de deelnemer voor de leeractiviteit na de ingestelde periode, ongeacht het aantal beschikbare pogingen.

Let op: sommige leeractiviteiten hebben een oneindig aantal pogingen, waardoor ze niet kunnen zakken op basis van resultaat. Een voorbeeld hiervan is de leeractiviteit Externe Website.

Status van een sectie

De status van een sectie wordt bepaald door de verschillende elementen (zoals leeractiviteiten, secties en geneste leerpaden) die de sectie bevat. LearnLinq berekent de drie belangrijkste statussen als volgt:

  1. Bezig: als niet alle elementen van die sectie geslaagd zijn en geen van de elementen is gezakt.
  2. Geslaagd: als alle elementen van een sectie geslaagd zijn.
  3. Gezakt: als op zijn minst één van de elementen gezakt is, of wanneer de sectie niet binnen de ingestelde termijn is herhaald.

Status van een leerpad

De status van een leerpad wordt bepaald door de verschillende elementen (zoals leeractiviteiten, secties en geneste leerpaden) die het leerpad bevat. LearnLinq berekent de drie belangrijkste statussen als volgt:

  1. Bezig: als niet alle elementen van dat leerpad geslaagd zijn en geen van de elementen is gezakt.
  2. Geslaagd: als alle elementen van een leerpad geslaagd zijn.
  3. Gezakt: als op zijn minst één van de elementen gezakt is.

Er zijn meer statussen in LearnLinq, maar dit zijn afgeleide statussen van bezig of geslaagd. Kijk voor een uitleg van de andere statussen in dit artikel.

Heeft u het antwoord gevonden?